andermans boeken

Biesheuvel

Bij het overlijden van Maarten Biesheuvel moest ik denken aan een bezoek aan de fysiotherapeut, zo’n vijf jaar geleden. Merel heette ze, ik schatte haar iets ouder dan ik was. Ze vroeg wat ik deed, ik zei dat ik boeken schreef, waarop zij begon aan een anekdote uit haar middelbareschooltijd. Voor haar literatuurlijst had ze een verhalenbundel van Biesheuvel gelezen, voornamelijk omdat hij goed bevriend was met haar vader. Omdat ze wist dat de docent Nederlands bij het mondeling examen zou vragen naar de rode draad, het onderlinge verband tussen de korte verhalen, ging ze vooraf bij Biesheuvel te rade. Er is geen verband, zei hij: ik vond het gewoon leuke verhaaltjes. De vraag kwam inderdaad tijdens het examen. Niets, herhaalde Merel: er is geen verband, het zijn gewoon losse verhalen. Ach kom, zei de docent, daar neem ik geen genoegen mee. Waarop ze het boek opensloeg en de eerste pagina liet zien. Biesheuvel had in haar exemplaar geschreven: de schrijver heeft hier niets mee bedoeld.

Standaard