alledaagse dingen

Van Sint-Petersburg naar Helsinki, met de trein. Eerst hadden de Russische douaniers mijn paspoort gecontroleerd. Argwanend gekeken naar de geribbelde pagina’s. (Het is een keer gewassen, per ongeluk.) Uiteindelijk een stempel gezet op het losse vel dat er drie dagen eerder, bij binnenkomst, tussen was gelegd. Hard, krakend. Ka-doenk. Daarna, eenmaal over de grens, nog een ander. Een Finse vrouw in lichtblauw. Ze bekeek het paspoort, gaf het weer terug. Alles in orde. En even, in de verte, dacht ik iets te hebben gemerkt van een ‘welkom terug’. Ze zei het natuurlijk niet, want de Europese Unie is Amerika niet. We kennen die trots niet, om goede redenen. Maar toch. Was het niet mooi geweest? Goed dat je er weer bent. Je kunt weer met euro’s betalen. Je hebt weer 4G-internet. Een klein knikje. Welcome back.

Welkom terug

Aside
mijn boeken

“Een kleine, toegankelijke en tedere mozaïekroman”, schreef Metro begin deze week. Een “imponerende roman”, schreef HP/De Tijd onlangs. “Dit is een boek voor op prijzenshortlists” – Hebban.

En helemaal fijn: vanavond werd mijn Na Mattias getipt bij De Wereld Draait Door! “Dit kleine verhaal weet hij groots te vertellen.” En Matthijs was onder de indruk van de soundtrack.

Je kunt het boek hier bestellen.

Wil je contact met me opnemen, of misschien een gesigneerd exemplaar bestellen? Je kunt me altijd mailen.

DWDD tipt

Aside
muziek

Everything Now en Creature Comfort van Arcade Fire beloofden héél veel goeds, maar het album viel tegen. Blanket Me van Hundred Waters is hypnotiserend goed, maar naar de rest van het album luisterde ik bijna niet. En ook de albums van Spoon, Father John Misty en Fionn Regan haalden mijn top-10 net niet. Deze wel.

The National – Sleep Well Beast

Vanwege Goodbyes always take us half an hour / Can’t we just go home?, en hoe ik me herkende in dat sociale ongemak. Vanwege I have dreams of a first man and a first lady / Singing to us from the sea, en wat ik dan voor me zie: dit gaat over Barack en Michelle Obama, een presidentiële familie met stijl en flair, mensen die zongen, en hoe dat idee van Amerika nu van ons wegdrijft. Vanwege het drieluik Empire Line, I’ll Still Destroy You en Guilty Party. En omdat mijn favoriete band een nieuw album uitbracht – doodeng, want wat als het niet goed is? – en het me wist te verrassen, ontroeren, raken. Ik voelde zelfs trots: míjn lievelingsband maakte dit album.

Mount Eerie – A Crow Looked at Me

Hartverscheurend. Phil Elverum verloor zijn vrouw aan kanker en nam deze liedjes op in de kamer waar hij met haar sliep. Voorbij de poëzie, voorbij wat een liedje ‘hoort’ te zijn. Het is puur verdriet. Rouw. Zoals alleen al het eerste nummer abrupt eindigt: It’s dumb / And I don’t want to learn anything from this / I love you. Alsof hij tijdens het opnemen dacht: wat doet het ertoe, ik stop met spelen, maar dan zeg ik nog wel even dat ik van haar hield, want dat moet.

Spinvis – Trein Vuur Dageraad

Leek minder aandacht te krijgen dan zijn drie voorgaande albums, maar is mij niet minder dierbaar. Tienduizend Zwaluwen is een van de allermooiste Spinvis-liedjes. Stefan en Lisette een aanstaande klassieker. Het titelnummer mag in geen enkel live-optreden van de band nog ontbreken. Dageraadplein is een prachtig feestje.

Cigarettes After Sex – Cigarettes After Sex

Debuut van het jaar. Slaapkamerhunkeringen over liefde, seks en bescherming. Tekstueel vaak oninteressant (Stay with me / I don’t want you to leave), maar het zijn alsnog liedjes met een enorme intensiteit. Beste nummer: Sweet.

Lorde – Melodrama

Na dat bijzondere debuut uit 2013 viel misschien te verwachten dat de ‘moeilijke tweede’ zou volgen. Niets daarvan: nog meer een eigen stem, nog meer een eigen richting. En pas 21 jaar oud, hoor je er dan bij te zeggen.

Joep Beving – Prehension

De Nederlandse Ólafur Arnalds. Mooie, breekbare instrumentale pianoliedjes. Schijnt dit jaar ook een groot publiek te hebben gekregen door optredens bij DWDD – dat merkte ik pas toen de grote zaal van TivoliVredenburg in mei helemaal volliep.

Julien Baker – Turn out the Lights

Soms kun je heel specifiek aanwijzen op welk punt je voor een nummer, album en artiest viel. Bij mij was dat de allerlaatste zin van Sour Breath.

Laura Marling – Semper Femina

Eerste album van haar dat me echt pakte. Nothing, Not Nearly is nu mijn favoriete nummer van Marling.

Real Estate – In Mind

Niet hun sterkste album, maar then again, al hun albums klinken min of meer hetzelfde. En het is altijd goed, dus deze ook.

Alt-J – RELAXER

Eigenlijk vooral vanwege het eerste nummer, een van mijn favoriete liedjes van het jaar. 3WW gaat heel soepel allerlei kanten op.

Mijn favoriete albums van 2017

Aside
mijn boeken

Als mensen me vragen welk boek van mij ze zouden moeten lezen, zeg ik bijna altijd: mijn eerste. Ik heb het idee dat dat boek lezers gemakkelijker ‘wint’, en dat mijn tweede – tja, waar ligt het aan? Misschien aan dat die iets minder goede recensies kreeg, minder opviel, minder goed verkocht. Maar juist daarom is het mooi om te merken, eens in de zoveel tijd, dat ook dat boek mensen raakt. Vandaag is het drie jaar geleden dat het uitkwam, en toevallig las ik vanochtend op Goodreads deze recensie, enkele dagen geleden geschreven (spoiler alert, zegt de lezer erbij):

Dit boek, over een vader en zoon die beide een dwangstoornis hebben maar hier met niemand over durven te praten, roerde me. Wat een opluchting als het wel mogelijk blijkt om te praten over dit soort aandoeningen, en wat een steun en hulp kan je krijgen als je dit doet. De vele melancholische terugblikken en de observaties over het leven en de liefde droegen er aan bij dat het boek me zo raakte. De schrijfstijl is fijn en ik heb het boek in mijn vakantie in twee dagen uitgelezen. Er gebeurt niet heel veel, maar toch blijft het boek continu boeien, en dát is echt knap schrijfwerk. Een aanrader!

De laatste zin van het boek intrigeert me enorm. Moet ik hem figuurlijk interpreteren en is het het einde van de stilte omdat Boris nu durft te praten over zijn aandoening, of is het de aankondiging van een From Dusk Till Dawn-achtige plotwending? We zullen het nooit weten.

Mijn tweede

Aside
alledaagse dingen

Reden voor optimisme: dat we in groten getale pro-Europees hebben gekozen, dat we geen land zijn geworden van nurkse, boze tegenstemmers en dat we – hoop ik dan toch – in elk geval de grenzen niet helemaal dichtgooien voor mensen die onze hulp nodig hebben. En de hoge opkomst! Om ontroerd van te raken. Ik vind het echt prachtig om in The New York Times over ons land te lezen: “Election turnout was high, with polling places seeing a steady stream of voters from early morning until the polls closed at 9 p.m. Of the 12.9 million Dutch citizens eligible to cast ballots, more than 80 percent voted.” Dat zijn wij.

Reden voor pessimisme: dat ons land blijkbaar onder water moet lopen voordat we zeggen ‘Goh, misschien is die klimaatverandering toch wel een dingetje’. Ik wil een land dat voorop loopt en innovatief is. Dat durf te stellen: in 2030 ligt die hele fossielebrandstoffen-industrie knockout op de grond, en we beginnen nú. Maar Nederland koos gisteren voor eerst nog maar eens een paar jaar kop in het zand, asfalt bijleggen, verandering tegenhouden en de pijn doorschuiven naar onze kinderen en kleinkinderen.

Verkiezingsgedachten

Aside
andermans boeken

Het was een doordeweekse middag, ik zat in de bibliotheek, eigenlijk om te werken maar ik las Herfst van Karl Ove Knausgård. De Noorse schrijver die in het Amerikaans dat rondje bovenop zijn achternaam kwijtraakt – het wordt Knausgaard – schreef de zesdelige autobiografie Mijn Strijd. Zijn werk is belangrijk voor me. Ik las het eerste deel, Vader, in 2013. Het laatste deel moet ik nog; daar wil ik in januari aan beginnen. Het heeft 1.100 pagina’s. Herfst is een tussendoortje. Knausgård schreef in een jaar tijd vier bundeltjes met mini-essays, elk vernoemd naar een seizoen, en dit is het eerste dat naar het Nederlands vertaald is. De rest volgt nu om de drie maanden. Knausgård is niet bijzonder literair – tenminste, niet in de definitie die de meesten erop na houden. Soms is hij ronduit plat. En hij maakt het zich gemakkelijk met die essays. Het is alsof hij elke dag is gaan zitten achter zijn beeldscherm, om zich heen keek en het eerste dat hem opviel is gaan beschrijven. Een vogel. Een schoorsteen. Vingers. Knopen. Een toiletpot. (Hij zal naar het toilet zijn geweest en daar hebben gedacht: ha, stukje). Soms dwaal ik af tijdens het lezen, want hij is regelmatig kaal aan het omschrijven, alsof er slechts een dun laagje schrijverschap over een Wikipedia-pagina gelegd is. Maar dan, soms, is het weer groots, dan zit er een versnellend ritme in de zinnen, dan merk je dat hij een gedachte binnendringt en op iets stuit. Dan is het ontleden van het alledaagse gelukt.

Herfst

Aside
mijn boeken

Voetbalcultuurmagazine Staantribune recenseert mijn voetbalboek We vergaten te voetballen deze maand. Hij is positief:

Peter Zantingh, he did it: alle eigenaardige versprekingen en taalvondsten tot aan de bron uitgeplozen en gebundeld. (…) Op sommige taalslakken gooit Peter wel erg veel zout, maar verder is We vergaten te voetballen een ‘klassiekertje’ in wording.

De recensie is hier te lezen via Blendle.

Klassiekertje

Aside
muziek

Het is alweer bijna zes jaar geleden dat ik op het idee kwam om honderd dagen lang elke dag honderd woorden te schrijven over een voor mij dierbaar album. Daar begon ik mee op 23 september 2010, zodat ik tot precies de laatste dag van het jaar door kon gaan.

De afgelopen tijd heb ik de lay-out weer op orde gemaakt (die was wat versleten nadat ik het uiterlijk van dit blog meerdere keren veranderd had), zodat het er weer mooi uitziet. De stukjes zijn hier allemaal te vinden. En er hoort een Spotify-playlist bij, die ik ook heb geüpdatet, omdat artiesten als The Beatles, Pink Floyd en Oasis inmiddels ook beschikbaar zijn.

Ten slotte: er is destijds ook een ebook van gemaakt door mijn uitgeverij, De Arbeiderspers. Dat ebook heb ik ook weer opgesnord. Je kunt het hier gratis downloaden.

100 x 100 geüpdatet

Aside
mijn boeken

Op de dag dat het Nederlandloze EK begint, recenseert NRC mijn boek We vergaten te voetballen. Een opsteker: hij krijgt 4 uit 5 ballen. Guus Middag schrijft:

Uit alle stukjes blijkt dat Zantingh een groot liefhebber is – van voetbal, van taal, en van gedegen onderzoek. (…) Ja, er zijn 24 landen die wél meedoen aan het EK. Maar wíj hebben een geestig boek over voetbal en taal.

Dus dat is mooi. De hele recensie kun je hier lezen.

Oh, en iets anders: kijk deze heerlijke feelgood-film over het gemiste EK, gemaakt door de jongens van Blik (en zoek me tussen de figuranten).

Vier ballen

Aside